Wat Westera uniek maakt, is dat ze niets mooier maakt dan het is of kwesties groter maakt dan ze zijn. Ze zet kinderen aan het denken op een toegankelijke, begrijpelijke en vooral aantrekkelijke wijze.’
– Pjotr van Lenteren

Lenneke Westera

Lenneke’s nieuwe boek komt eraan!

Het heet: Canada is eng.
Het is een 8+boek, het is te koop vanaf begin augustus 2020 via uitgeverij EigenZinnig of via de contactpagina van deze website. Vanaf 31 augustus is het ook te koop bij de boekhandel en via bol.com.

Over Canada is eng: Nino houdt van fossielen, telt graag stoeptegels en eet het liefst Knorr Wereldgerechten. Op beesten is hij niet zo dol, in een kamer vol hertengeweien kan hij niet slapen, en zijn wandelschoenen wil hij schoon houden.

Mama vindt Nino een schijtluis, en stuurt hem op reis naar Canada, om zijn angsten te overwinnen. Samen met zijn vader moet Nino daar allerlei spannende mannendingen gaan doen. Van slootje springen, hutten bouwen en van een brug af tokkelen, tot wildwaterkanoën en beren spotten.

Het is allemaal vreselijk eng, maar het ergste is wel dat Rocky bij elk uitstapje meegaat. Zij is half Canadees, half Nederlands en bloedirritant. Zij is alles wat Nino niet is en sleept hem mee in spannende avonturen.

Canada is eng is een verhaal met een subtiele diepgang. Het gaat over angsten en moed, over Canada en beren, over een ver weg wonende moeder en vriendschap, en over een zwerver met een verhaal.

Het is Lenneke’s zesde kinderboek.

Op 30 augustus om 15 uur is er een feestelijke 1,5-meter-boekpresentatie in Canadese sfeer, buiten in de natuur, aan de Meerberg 1a in Teteringen (nabij Breda). Jong en oud zijn welkom!
Beren proberen we op afstand te houden, maar of dat zal lukken..?
Voor meer informatie: zie Activiteiten.
Kijk ook op: https://kinderboekentuin.nl/agenda/

Uitgeverij Eigenzinnig, 2020 | Leeftijd 8+ | Omslagontwerp: Jeroen Okkerse

Canada is eng

MIJN VADER DOEK

Over Mijn vader Doek:

Op een dag vertrekt Biba’s vader, Doek, plotseling naar Laplö, een Noors eiland.
Hij weet niet wanneer hij terugkomt.
Biba moet nu twee keer per week naar Co, de oppas.
Biba vindt Co niet echt leuk. Wel is ze dol op de tropische vissen in Co’s grote aquarium.
En gelukkig heeft ze haar vriendin Neeltje.
Maar Biba maakt zich ook zorgen: komt haar vader nog wel terug?
Hij was namelijk knoek toen hij naar Laplö vertrok.
En wat is er opeens met Co?

Mijn vader Doek is een gevoelvol, mooi en humoristisch verhaal.
Het laat zien dat kinderen heel veel waarnemen aan verborgen gevoelens bij de volwassenen in hun omgeving.
Kinderen kunnen zich meteen herkennen in Biba’s belevingen en observaties.
Biba zoekt naar grip op haar situatie.
Hierbij volgt ze haar intuïtie en haar eigen, slimme wijsheid

Uitgeverij Eigenzinnig, 2019 | Leeftijd: 8+ | Omslagontwerp: Maaike Maring

Te verkrijgen of bestellen bij elke boekwinkel en via bol.com.

boek-mijn-vader-doek.

KAMEEL WEET HET ZEKER

Over Kameel weet het zeker:

Op een ochtend wordt Kameel wakker en ontdekt hij dat hij ver weg is van zijn thuis in de woestijn.  Hij is naar een dierentuin gebracht in een koud en grijs land. Hij voelt zich verschrikkelijk alleen.
Maar dan staat er opeens een jongetje bij het hek. Het is Vos. En Vos wordt Kameels beste vriend. Vos besluit Kameel te helpen ontsnappen…

Lemniscaat, 2019 | Leeftijd: 5+ | Illustraties: Peter-Paul Rauwerda 

Fragment één:

Kameel staat met weke knieën bij de muur. De andere kamelen liggen half te dutten. Ze letten nauwelijks op Kameel.
‘Ben je er nog?’ klinkt de stem van Vos schor vanachter de muur.
‘Ik ben er nog,’ zegt Kameel.
‘Dat weten wij ook wel,’ zegt een van de duttende kamelen. ‘Dat hoef je niet te melden.’
Kameel slikt.
De deur in de muur zwaait open. De blote-benen-man komt eraan. Hij draagt een grote kist. De kist zit tot de rand toe vol met appels en kiwi’s. Het water loopt Kameel in de mond. De man zet de kist neer. Kameel draaft erop af. Hij buigt zijn hoofd naar de overheerlijke appels en kiwi’s.
Maar dan ziet hij opeens Vos in de deuropening staan. Hij wenkt gehaast naar Kameel. Een fractie van een seconde maar. Dan is hij weg.

 

Fragment twee:

Vos loopt naar de trailer toe. Hij duwt zijn wang tegen de klep.
‘We zijn er, Kameel,’ fluistert hij. ‘De woestijn is vlakbij.’
Door de spleet van de laadklep verschijnt Kameels neus.
Traag gaan zijn neusgaten open en dicht.
‘Het ruikt goed,’ zegt Kameel, ‘alleen niet naar woestijn.’
boek-kameel-weet-het-zeker.

De Muizen

Op een middag zijn ze er ineens: de muizen. Fien ontdekt er wel tachtig achter de kliko.
Dat is op zich al merkwaardig, maar het wordt nog vreemder als ze ’s avonds tegen Fien beginnen te praten…
Veel zeggen de muizen niet, alleen de woorden ‘San Francisco’ en ‘Peru’.
Dat is het begin van een bijzondere reis, helemaal naar Amerika. Een reis waarbij de muizen blijven opduiken.
Ze lijken Fien aanwijzingen te geven, en als ze die volgt komt ze met haar meester, die verdacht veel op een indiaan lijkt, zelfs diep in de jungle terecht.

De Muizen

Lemniscaat, 2018 | Leeftijd: 8+ | Illustraties: Marc Suvaal

Fragment één:

Die woensdag moest ik de kliko aan de straat zetten. Daar heb ik een hekel aan. Ik vind het een stinkding. Maar het moest. Ik rolde de kliko bij de schutting vandaan. En daar stonden ze. Tegen de onderste plank van de schutting aangedrukt. Met zijn tachtigen. De muizen.

 

Fragment twee:

Ik keek uit het kleine hotelkamerraam en zag een Chinees restaurant, een beschilderde muur, en een paar reusachtige vuilcontainers. Er scharrelde een kat omheen.
Ik verkende de gangen van het hotel. Het zag er allemaal nogal vaal en grijs uit. Niet zo Amerikaans.
Terug in onze kamer maakte ik mijn koffer open en zocht mijn blauwe gympen. Mijn teenslippers vond ik ’s avonds te koud.
Bosse kwam de badkamer uit en smeerde vier klodders gel in zijn haar. Ik trok mijn gympen onderuit mijn koffer. Ze waren nogal geplet.
Ik deukte ze uit met mijn hand. Ik verstijfde en rilde. En werd warm in mijn buik.
In een reflex duwde ik mijn ene gympie tegen mijn borst.
Die ene waarin ik hem gevoeld had. Zacht, warm en pluizig. Piepklein, maar vol leven.
Er zat een muis in mijn gympie.

 

Muziek:

Als Fien plotseling, ver weg van huis, het nummer ‘Ben’ ontdekt, gaat dit lied een bijzondere rol in haar leven spelen.

De Muizen

De muizen is verkrijgbaar bij alle boekhandels. Indien niet op voorraad direct bestelbaar. Ook online te bestellen via Libris en Bruna. Prijs: € 14,95

De muizen - door Lenneke Westera

Jij en ik – verhalen over vriendschap en vluchtelingen

Jij en ik is een prachtige bundel met hartverwarmende en aangrijpende verhalen van 19 kinderboekenschrijvers. Het verhaal Laten we een keer is van Lennekes hand. Het gaat over Sossa. Ze komt uit Somalië. Door het uitwisselen van koekjes ontstaat er een bijzondere vriendschap tussen haar en Lotta.

Lemniscaat, 2018 | Leeftijd: 10+

Jij en Ik - Lenneke Westera

Schaap en Geit

Schaap en Geit leven samen in een wei vol paardenbloemen, klaver en hoefblad.
Ze zijn elkaar tot steun, en lopen elkaar in de weg.
Ze zijn lui, én actief.
Ze zijn blij, bedroefd, chagrijnig en meer.
Ze denken na over het leven, en komen tot bijzondere daden.
Ze vertrouwen elkaar toe wat ze voelen, maar verbergen dat net zo vaak.
Ze kunnen niet met en niet zonder elkaar.
Schaap en Geit zijn net mensen zoals jij en ik. Vol goedheid, knorrigheid, luchtigheid, vrolijkheid, bangigheid, irritatie, en diepe gedachten.

Lemniscaat, 2004 | Leeftijd: 5+ | Illustraties: Sylvia van Ommen

Schaap en Geit

Meestal is jeugdliteratuur die ‘over de hoofden van kinderen’ is geschreven een beetje aanmatigend, of op zijn minst niet per se leuk voor de kinderen zelf. Schaap en Geit is een behoorlijk briljant boek omdat je elk innig duo denkbaar in Schaap en Geit terugziet, kind of volwassene, bevriend of gepaard. En jezelf natuurlijk. In Schaap of in Geit. Maar meestal, en dat is zeker ook de kracht van het boek, in allebei.
– Literair Nederland

Waar in de meeste filosofische kinderboeken de schrijvers kinderen met een onbestemd gevoel achterlaten omdat dat zo postmodern staat, maakt Westera doodgewone levensvragen niet moeilijker of zwaarder dan ze zijn..
Zo kan het dus ook. Schaap en Geit laten het antwoord op prangende kwesties liefdevol in het midden, en dat is een kunst op zichzelf. Alleen al hierom is Marleen Westera de meest welkome nieuwkomer van dit jaar.
– De Volkskrant, Pjotr van Lenteren

Fragment één:

Ze lopen een rondje, zij aan zij door de wei.
Overal liggen losgewaaide takjes en stukje boomschors.
Ineens blijft Geit staan. Ze kijkt Schaap aan.
‘Was je bang, Schaap?’
‘Dat kon niet,’ zegt Schaap. ‘Jij was al bang.’
‘Dat is waar,’ murmelt Geit. Ze kijkt naar de grond.
‘Het geeft niet’, zegt Schaap. ‘Maar, Geit, mag ik bij de volgende storm bang zijn? En dat jij dan dapper bent? En mij geruststelt?’
‘Dat is goed,’ antwoordt Geit. ‘Dan zeg ik: “Niks aan de hand, Schaap. Het komt allemaal goed.” Klinkt dat moedig?’
Schaap knikt tevreden.
‘Heel moedig, Geit. Heel moedig.’

 

Fragment twee:

‘De spreeuw,’ zegt Geit zacht. ‘Het is de spreeuw. Hij is gevallen. En nu ligt hij stil.’
Schaap ziet het. Ze slikt.
‘Hij vloog tegen de boom aan. Dát was het geluid.’
‘Hij is toch niet…’ vraagt Geit voorzichtig.
‘Ja, hij is dood,’ knikt Schaap traag.
‘Wat moeten we nu doen?’ vraagt Geit.
‘Verdrietig zijn,’ zegt Schaap. En ze kijkt erg bedroefd.
‘Ja, we moeten verdrietig zijn,’ zegt Geit. ‘Maar niet te lang.’
‘Ik heb de spreeuw nauwelijks gekend,’ zegt Schaap. ‘Maar de wereld is anders, nu hij er niet meer is. Dat weet ik zeker.’
‘Ja, maar ook weer niet zo héél anders,’ zegt Geit.
‘Dat weet je niet. Dat moet blijken,’ zegt Schaap.

Vergeten (prentenboek)

Geit voelt zich klein en bezorgd. Betekent ze eigenlijk wel iets? Of zal ze helemaal vergeten worden als ze er ooit niet meer is?
Schaap leeft met Geit mee. Op haar eigen brommerige schaap-manier.
Geit luistert naar Schaaps wijze woorden.
’s Avonds, als Schaap haar neus in Geits vacht duwt, valt Geit met een kalm hart in slaap.

Lemniscaat, 2008 | Leeftijd: 5+ | Illustraties: Sylvia van Ommen

Vergeten

Vergeten is een intiem prentenboek, en is bovendien waardevol is om te lezen en bekijken als kinderen te maken hebben met doodgaan, of hier vragen over hebben.

Fragment:

‘Denk jij dat er een moment komt dat er nooit meer aan mij gedacht wordt, Schaap? Dat ik gewoon vergeten ben?’
Geits ogen zijn nat. Ze kijkt gauw opzij, naar het maïsveld.
‘Dat lijkt me stug,’ antwoordt Schaap. ‘Ik denk iedere dag aan je.’
‘Ja, maar,’ zegt Geit zachtjes,’ ik bedoel later, als ik er zelf niet meer ben… Word ik dan helemaal vergeten?’
‘Niet door mij,’ zegt Schaap, rustig kauwend op een hap gras.
‘Maar als jij er nou ook niet meer bent, Schaap…
Wordt er dan ooit nog aan mij gedacht?’
Geit kijkt Schaap aan. Haar snuit staat gespannen.
‘Ik heb geen idee, Geit. Het spijt me.’
Lenneke Westera
Stuur Lenneke een bericht